Medische voetbehandelingen

  • Orthesiologie
  • Nagelregulatie
  • Nagelreparatie
  • Voetonderzoek (screening)

Nagelregulatie

Behandeling van ingroeiende of ingegroeide nagels door middel van diverse nagelregulatietechnieken.
Deze technieken hebben een corrigerende werking op de nagelplaat en een drukontlastende werking op de nagelwal. Ze zijn geschikt wanneer de nagelplaat niet meer in zijn normale toestand verkeerd (structuur en vormverandering van de nagelplaat).
– Spangentechniek, bijvoorbeeld BS/Spange (kunststof)
– Nagelbeugeltechniek, de correctiebeugel wordt gemaakt van remanit- of titaniumdraad

 

Nagelreparatie

De nagelreparatietechniek is een techniek waarbij de natuurlijke nagel gedeeltelijk of volledig door een kunstnagel wordt vervangen. In deze praktijk wordt er gebruik gemaakt van acryl of gel.

De toepassingsmogelijkheden zijn:
– Nagelherstel voor reparatie van een nagel waarbij een deel van de nagel is uitgeknipt. Bijvoorbeeld nadat er een likdoorn is verwijderd  in de nagelwal of onder de nagelplaat.
– Begeleiding van een groeiproces
– Nagelverlenging nadat een nagel te kort is geknipt of beschadigd is.
– Gespleten/ingescheurde nagels : met behulp van gel of acryl kan men de twee nagelhelften weer met elkaar verbinden   waardoor de scheur kan uitgroeien.
– Nageltrauma, het gedeeltelijk ontbreken van de nagelplaat
– Behandeling van een ingegroeide nagel
– Versterken van zwakke nagels
– Verfraaien van nagels : cosmetische verzorging bij mycosenagels (schimmelnagels).

 

Orthesiologie

Een afwijkende teenstand kan leiden tot pijnklachten aan de tenen, eelt of likdoorns.
Door het aanmeten van een individuele silicone orthese kunnen complicaties die het gevolg zijn van teenafwijkingen vaak verholpen worden. Ze hebben een drukontlastende en beschermende werking.

De ortheses kunnen toegepast worden bij:
– Een weke likdoorn tussen de tenen
– Drukontlasting van een hamerteen
– Drukontlasting bij klauwtenen
– Likdoornvorming op de tenen/onder de teentopjes

 

Voetonderzoek

Om te kunnen vaststellen of er sprake is van een risicovoet, moet er een voetonderzoek plaatsvinden. Daarbij wordt gelet en getest op:
– Medische achtergrond
– Oppervlaktegevoel
– Dieptegevoel
– Pulsatie
– Temperatuur
– Kleur en conditie van de huid
– Standsdafwijkingen
– Nagelafwijkingen
– Sok- en schoenonderzoek

Naar aanleiding van de conclusies van dit onderzoek, kan er een behandelplan gemaakt worden. Zonodig wordt een verwijzing gedaan naar de huisarts voor een verder onderzoek en/of behandeling.